Zelfbeeld & identiteitsontwikkeling (denkbrein)
Ons zelfbeeld begint vorm te krijgen vanaf de eerste berichten die we krijgen van de belangrijkste mensen om ons heen. Het groeit in de loop van de jaren op basis van deze feedback steeds verder en verder. Wanneer een kind herhaaldelijk de boodschap krijgt dat het de moeite waard is en dat het uniek en onvervangbaar is dan zal het zelfbeeld van het kind dit gaan reflecteren.
Een kind dat op jonge leeftijd trauma’s heeft meegemaakt en deze positieve boodschappen niet heeft ervaren, leeft vaak met een diepgaand gevoel van ‘slecht’ en ‘ongewenst’ zijn. Er ontstaan hele sterke diepgewortelde negatieve overtuigingen over hoe het kind zichzelf ziet en hoe het denkt dat anderen hem zien. Het maakt niet uit hoe vaak de omgeving alsnog laat blijken dat het kind geliefd is en de liefde waarde is. In het hoofd weten het kind dat wellicht, maar het hart zit vast in de periode van het trauma. Het daadwerkelijk accepteren, dat het kind geliefd is en de moeite waard is om op een veilig manier van gehouden te worden, kan heel lang duren.
Een chronisch getraumatiseerd kind voelt zich vaak van binnen gefragmenteerd, verloren of verward. Het kind kan het gevoel hebben nergens en bij niemand te horen en zoekt in zijn omgeving geregeld naar bevestiging dat het van binnen toch oké is.
Naar opvoeders kan het kind reageren met claimend of regressie (jongkinderlijk) gedrag in een poging om de aandacht van de opvoeder continue vast te houden en bevestiging te krijgen. Buitenshuis kan het kind sociaal-wenselijk (“pleasend”) gedrag laten zien in een poging om lief gevonden te worden en/of er bij te horen. Het kind kan zich dan voordoen als een ‘sociale fladderaar’ tussen vrienden en groepen. Door het continue op zoek zijn naar bevestiging ‘ik ben oké’ is er weinig ruimte om stil te staan bij eigen wensen en gevoelens, en komt het kind niet tot échte diepgaande vriendschappen of relaties.
Ook is er een verhoogd risico dat het kind gemakkelijk uitgebuit, beïnvloed of gebruikt wordt. Het kind kan (opnieuw) slachtoffer worden van pesten of (seksueel) misbruik; in de puberteit kan het kind onder invloed komen van lover-boy’s, of online bedreigd of seksueel lastig gevallen worden. Ook kan het kind onder sociale groepsdruk vervallen in grensoverschrijdende of criminele activiteiten.
Uiteindelijk leidt deze eindeloze zoektocht vaak tot negatieve reacties en ervaringen waardoor het kind zich weer ‘slecht en ongewenst’ voelt en opgebouwde negatieve overtuigingen verder worden versterkt. Binnen onze behandeling wordt er, samen met de directe omgeving, veel aandacht besteed aan het doorbreken van deze patronen zodat er ruimte komt voor het opbouwen van een positief zelfbeeld en het ontwikkelen van een eigen identiteit.